
Medewerkers kunnen nu zelf Copilot-agents bouwen en indienen voor gebruik door de hele organisatie. Microsoft heeft een formeel goedkeuringsproces uitgerold via de Agent Store: IT-beheerders reviewen aanvragen, keuren goed of af, en bepalen wat er organisatiebreed beschikbaar komt. Hoe werkt dit proces en wat moet uw IT-team nu regelen?
De afgelopen maanden heeft Microsoft het voor gewone Microsoft 365-gebruikers eenvoudiger gemaakt om zelf Copilot-agents te bouwen via Agent Builder. Geen code, geen IT-ticket. Een medewerker op de sales-afdeling bouwt een agent die vragen beantwoordt over de productcatalogus. Een HR-medewerker maakt een agent die de meest gestelde vragen over verlof afhandelt. En dan?
Tot voor kort bleef zo'n agent beperkt tot de maker zelf, of werd die via informele kanalen gedeeld. Vanaf begin juli 2026 is dat veranderd. Microsoft heeft een formele indieningsprocedure uitgerold waarmee medewerkers hun agent kunnen aanbieden voor gebruik door de hele organisatie, via de Agent Store. De IT-beheerder staat centraal in dat proces.
De Microsoft 365 Agent Store is de centrale plek waar gebruikers Copilot-agents ontdekken en activeren. Tot nu toe konden daar alleen externe agents uit de Microsoft- en partnercatalogus staan. Dat is uitgebreid met een derde categorie: 'Built by your org'. Dit zijn agents die medewerkers binnen de eigen organisatie hebben gebouwd en die door een beheerder zijn goedgekeurd voor breed gebruik.
Een medewerker die in Agent Builder een agent heeft gemaakt, kan die nu indienen via de knop 'Submit for org use'. Daarmee belandt de agent in de wachtrij van de Microsoft 365-beheerder, als een aanvraag onder Agents in het beheercentrum. Pas na goedkeuring wordt de agent zichtbaar in de Agent Store voor alle gebruikers of een geselecteerde doelgroep.
Agent Builder is ingebouwd in Microsoft 365 Copilot. Elke gebruiker met een actieve Copilot-licentie kan er een agent mee bouwen. Het principe is eenvoudig: de maker definieert wat de agent doet, welke kennisbronnen hij raadpleegt en hoe hij communiceert. Een agent kan worden gekoppeld aan SharePoint-bibliotheken, publieke websites, en door de beheerder vrijgegeven externe API-verbindingen.
De kracht zit in de combinatie van een helder gedefinieerde systeemprompt en de juiste kennisbronnen. Een agent die is aangesloten op de actuele SharePoint-site van de juridische afdeling en instructies heeft gekregen om altijd naar de bronpagina te verwijzen, geeft merkbaar consistentere antwoorden dan wanneer iedereen Copilot vrij bevraagt. Voor afdelingen met veel repetitieve informatievragen is dat een directe tijdsbesparing.
Wanneer een medewerker een agent indient, ontvangt de Microsoft 365-beheerder een melding in het beheercentrum. Via Agents in het linkermenu, dan Alle agents en vervolgens Aanvragen, ziet de beheerder de wachtrij van ingediende agents.
Per aanvraag is de volgende informatie beschikbaar: de naam en beschrijving van de agent, de maker, de gekoppelde kennisbronnen en de configuratie van de agent. Op basis hiervan besluit de beheerder of de agent voldoet aan de organisatiestandaarden voor veiligheid, gegevensbescherming en kwaliteit. Een klik op Goedkeuren maakt de agent direct beschikbaar in de Agent Store. Een klik op Afwijzen stuurt de maker een melding, waarna die de agent kan herzien en opnieuw indienen.
Beheerders kunnen een goedgekeurde agent ook beperken tot een specifieke groep. Zo is het mogelijk om een agent eerst beschikbaar te stellen voor de eigen afdeling van de maker, en na positieve feedback te verbreden naar de hele organisatie. Dat maakt gefaseerde uitrol haalbaar zonder extra ontwikkelinspanning.
Parallel aan de Agent Store-uitbreiding is een tweede functie uitgerold die nauw samenhangt: agents die zijn gebouwd op het Model Context Protocol zijn nu direct toegankelijk vanuit Word, Excel, PowerPoint en Outlook. Via het Copilot-venster in deze apps kunnen gebruikers MCP-agents aanroepen zonder van applicatie te wisselen.
Waar dat eerder alleen via de aparte Copilot-interface werkte, zit de agent nu ingebakken in het werkproces. Een agent die contractinformatie uit een SharePoint-bibliotheek ophaalt, werkt nu direct vanuit Word. Een agent die verkoopdata uit een CRM-systeem weergeeft, is bereikbaar vanuit Excel. IT-beheerders regelen welke MCP-servers zijn goedgekeurd voor gebruik, vergelijkbaar met het beheer van andere geïntegreerde apps.
De uitrol van deze mogelijkheden creëert een nieuw aandachtsgebied voor het IT-team. Vier concrete acties om grip te houden op het groeiende agentlandschap binnen uw organisatie.
Bepaal het licentiebeleid. Agent Builder is beschikbaar voor gebruikers met een Microsoft 365 Copilot-licentie. Als niet iedereen in de organisatie een Copilot-licentie heeft, is het zinvol om te bepalen wie agents mag bouwen en indienen. Communiceer dit duidelijk, zodat medewerkers weten welk kanaal ze moeten gebruiken.
Stel reviewcriteria op. Voordat aanvragen binnenkomen, is het handig om intern te bepalen aan welke eisen een agent moet voldoen om goedkeuring te krijgen. Denk aan: welke gegevensbronnen zijn toegestaan, hoe wordt omgegaan met vertrouwelijke informatie, is er een privacytoets vereist bij agents die persoonsgegevens verwerken, en wie is verantwoordelijk als een agent onjuiste informatie geeft.
Beleg de reviewverantwoordelijkheid. Het goedkeuren van agents is geen pure technische handeling, het vraagt ook om inhoudelijk oordeel over gebruik en risico. Overweeg een goedkeuringscommissie met vertegenwoordigers van IT, juridische zaken en eventueel compliance, zeker voor agents die gevoelige bedrijfsprocessen raken.
Communiceer het bestaan van de officiele route. Medewerkers die niet weten dat er een formele weg bestaat, delen agents informeel via chat of e-mail. Dat ondermijnt het doel van de Agent Store. Een korte aankondiging via Teams of een intranetbericht over de nieuwe mogelijkheid volstaat om het gebruik via de goedgekeurde route te stimuleren.
Het bouwen van Copilot-agents was al mogelijk, maar de verspreiding ervan verliep ongekontroleerd. Met de Agent Store heeft Microsoft een formeel kanaal gecreeerd dat IT-teams in staat stelt om kwaliteit en veiligheid te borgen zonder de autonomie van medewerkers te beknotten. De medewerker die een handige agent bouwt, krijgt nu een legitieme route om die breder te delen. De IT-beheerder houdt overzicht en controle. Dat is een betere uitgangsituatie dan de informele verspreiding die daarvoor de norm was.
Wilt u hulp bij het inrichten van een reviewproces voor Copilot-agents, het opstellen van agentbeleid of het koppelen van veilige kennisbronnen aan uw organisatieagents? Neem contact op met Zarioh voor een vrijblijvend gesprek.
Was dit artikel nuttig?
Zarioh Digital Solutions
IT-specialisten uit Utrecht. Wij helpen bedrijven door heel Nederland met Microsoft 365, AI agents, hosting en telefonie — en delen hier wekelijks wat we in de praktijk tegenkomen. Volg ons op LinkedIn
Ontvang nieuwe artikelen direct in je inbox.
Geen spam. Afmelden kan altijd.

AI Agents

AI Agents

AI Agents